Bladluizen in de rozen

Ach mijn hemel wat is het toch koud.

Niet normaal gewoon. Elke keer denk ik: Ha, nu gebeurt het. Het zonnetje komt eraan, het wordt nu echt lente. Maar niks, nada. De temperatuur zakt weer terug en het wordt weer koud.

Maar dat was de voorgaande jaren niet zo. Dus dit blog gaat eigenlijk meer over hoe het normaal is.

En normaal zie je rond deze tijd de eerste de eerste knoppen in de rozen. Ha! Eindelijk! Ze zijn nog klein, maar ze gaan groeien. En over een paar weken worden ze prachtige bloemen.

Maar, wat zie je daar? Wat zijn die kleine puntjes? Ah, nee toch hè? BLADLUIZEN!

Waar is de spuit, zeiden veel mensen vroeger (en misschien nog wel). Tegenwoordig wil je niet meteen naar de spuit grijpen, dus is het: Waar is het internet! Even Googelen: Hoe bestrijd ik bladluis in rozen milieuvriendelijk?

Daar heb ik het antwoord al op, overigens.

NIET.

Het is namelijk niet alleen rozenknoppentijd, het is ook broedseizoen. En half Nederland heeft een mezenkast in zijn tuin hangen. Met een paartje mezen. Zo leuk!

Het is niet alleen maar leuk, het is ook nuttig. Die mezen die krijgen namelijk jongen. (Dat was het leuke natuurlijk, daar doe je het voor). En die jongen moeten binnen een paar weken van een kaal, net-uit-het-ei jong naar een bijna volwassen mees groeien. Daar moet heel wat voer in! En wat eten ze? Rupsjes, ja, dat klopt, maar ook luizen. Vocht en eten tegelijk voor de jonge meesjes.

Ik heb wel eens een bijna vliegvlug meesje opgevangen en al bij het eerste licht hoor je ‘piep’! Honger! Je weet niet hoe snel je de tuin in moet om je planten kaal te plukken van allerlei insecten. En je zoekt in de kleinste kiertjes, want het gaat hard. Dagwerk.

En dus gaan pappa en mamma mees de tuinen in. Af en aan vliegen ze, totdat het donker is. En als je goed kijkt, dan zie je ze ook die luizen van je rozenknoppen weghalen. Dat kijken naar die mezen gaat in deze tijd redelijk makkelijk, want de drang om de jongen te voeren is zo groot, dat ze veel minder voorzichtig zijn dan anders. Ze zien er niet zo mooi meer uit, want tijd om zich op te poetsen hebben ze niet.

Maar eten doen ze als de beste, en de luizen op je rozen verdwijnen als sneeuw voor de zon.

En je rozenknoppen kunnen rustig uitkomen, tot prachtige bloemen.

In de loop van de zomer groeit de luizenpopulatie weer aan. Ik heb nooit iets tegen bladluizen gedaan en mijn rozen hadden daar nooit moeite mee (wel met de schildluizen, maar dat is een ander verhaal). Wordt de hoeveelheid luizen op je rozen nou te erg, dan kun je een keer beginnen met ze eraf te spuiten met een flinke straal water. (Kijk overigens uit dat je niet te hard spuit, anders spuit je de knoppen eraf.) Helpt dat niet, dan kun je je toevlucht gaan nemen tot spiritus-en-zeep of desnoods chemicalien.

Maar wat is te erg? Dat er luizen op de rozen zitten wil niet zeggen dat die rozen er zo veel last van hebben. Pas als ze er ‘raar’ uit gaan zien, is het tijd om in te grijpen. En vóór die tijd: laat de natuur gewoon haar werk doen. Gaat doorgaans goed. En dan hebben de mezen gezond eten voor die schattige kleine meesjes.

Share on facebook
Facebook
Share on pinterest
Pinterest

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.