Super effectieve planten tegen onkruid

super effectieve planten tegen onkruid

“Ik ga mijn tuin helemaal omgooien”, zei een van mijn kennissen. “Ik ga hem volzetten met struiken en daaronder bodembedekkers”.

Nou ken ik deze dame al een tijdje. Ze is al op leeftijd en bukken gaat niet meer zo makkelijk als vroeger. Je hoeft niet zoveel te bukken in de tuin, behalve….als je moet planten (kun je ook achterwege laten), vaste planten moet snoeien (die oude stengels kun je ook laten zitten) of moet wieden.

En daar komen die bodembedekkers om de hoek kijken. De Bluebells, waar ik het over had een paar blogs terug in ‘Feeënbossen en schurkenplanten’ kun je zien als bodembedekkers. Hele plakkáten kun je ervan hebben. Prachtig als ze in bloei staan. Maar heel erg fanatieke bodembedekkers zijn het niet. Het zijn pollen en tussen de pollen zitten gaten. En gaten in beplanting betekent onkruid en dus wieden, als het een beetje tegen zit. Daar zit je niet op te wachten als je niet goed meer bukken kan.

Tapijten van Daslook en Lelietjes van Dalen

Nee, om wieden tegen te gaan moet je de èchte bodembedekkers hebben. De echte bodembedekkers groeien zó dicht, dat ze een soort tapijtje maken. Sommige doen dat door een wirwar van stengels en bladeren te maken. Denk hierbij aan Gevlekte Dovenetel, Maagdenpalm of Klimop. Andere planten maken niet die wirwar, maar groeien met heel velen strak tegen elkaar aan. Daslook is daar een heel goed voorbeeld van. Eind april, begin mei kun je in de bossen in de heuvels van Zuid-Limburg hele tapijten van Daslook zien. Groene bladeren, mannetje aan mannetje met daarboven de fijne bloemtrosjes op steeltjes. Het hele bos ruikt daar vaag naar uien, want Daslook is een wilde uiensoort. Het duurt trouwens best wel een tijd voordat je zo’n tapijt van daslook hebt, want dat gebeurt doordat die bolletjes ieder jaar verdubbelen. Daar gaan wel een paar jaartjes overheen. Maar dan heb je ook wat.

Wat ook langzaam gaat, maar op dezelfde manier de bodem kan bedekken, is Lelietjes van Dalen. In Wageningen heb ik daar ooit een héle, ja echt, een héle tuin vol mee zien staan. Dat is alweer heel wat jaren geleden en ik heb er dus geen foto van. Ik probeerde ze op dat moment zelf in de tuin te krijgen. Dat lukte ook wel, maar niet zo goed als in die tuin, dus ik was stikjaloers. Er was even een momentje dat ik, net als Jantje in het versje, overwoog dat ‘in zo’n tuin zo volbeladen, mist men een, twee pruimen ehh plantjes niet’, maar de eerlijkheid won toch het van de verleiding.
Een tuin vol met daslook of Lelietjes van Dalen is prachtig en Daslook kun je nog eten ook, maar als je onkruid wieden wil tegengaan dan duurt dat met deze planten als bodembedekkers toch te lang.

Toch nog onkruid….

Dat onkruid is trouwens wel iets waar je met bodembedekkers niet helemaal van af bent. Zelfs de meest fanatieke bodembedekkers hebben hun momenten van zwakheid en tadaa! Daar zwaait een sprietje door je dichte tapijt van bodembedekkers heen. Zelfs de kleine maagdenpalm, een kampioen bodembedekker, laat af en toe een onkruidje doorkomen. En dan heb je een nieuw probleem. Want jij staat aan de rand van dat tapijt Maagdenpalm en dat sprietje groeit – uiteraard – middenin. Daar kom je niet bij met bukken, je zult óver je Maagdenpalm heen moeten lopen als je wil wieden.

Klimop en Maagdenpalm: Alles moet weg

Die allerbeste bodembedekkers zijn trouwens nietsontziend. Langzaam rukt het tapijtje op en overgroeit álles wat in zijn weg komt. Onkruid, maar ook je leuke vaste planten: alles wordt rücksichtloos weggedrukt. Lievevrouwebedstro en Gele Dovenetel hebben nog wel zoiets van: ‘Vooruit, jij mag ook een plekje’, maar Klimop en de Kleine Maagdenpalm hebben daar absoluut geen boodschap aan. Bij mij staan middenin de Lievevrouwenbedstro nog wat Wilde Geranium (ook een goede bodembedekker, trouwens, en hij bloeit ook nog leuk in de zomer), een Kerstroos en een enkele Wolfsmelk en dat gaat uitstekend. Er staat zelfs een prima bloeiende roos! In de Kleine Maagdenpalm en de klimop staat niets.

Hoe Klimop dat precies voor elkaar krijgt weet ik niet, maar ik vermoed dat die andere planten onder de duim houdt door smerige chemische middelen uit te scheiden. In mijn tuin heb ik ooit de fout begaan om een Zegge (Zeggen zijn grasachtige planten met een driekantige stengel) niet meteen met wortel en tak uit te roeien. Ik dacht: Dat doe ik wel wat later, als ik wat meer tijd heb. Maar tóen kreeg ik hem er niet makkelijk meer uit. Overal tussen mijn planten groeide dat ‘gras’ en alleen met toe flink Zegge trekken kon ik het min of meer onder controle houden. Maar weg kreeg ik het niet.
Totdat ik klimop in mijn tuin kreeg en tegelijk een tijdlang geen tijd meer had om die tuin bij te houden. De héle tuin zat binnen de kortste keren vol met klimop. Met tussen de klimop een paar planten die dapper volhielden. Geen zegge. Die was weg.
Maar niet permanent. Tijdens de lockdown, twee jaar geleden, had ik net als iedereen opeens wèl tijd en dus tijd om die klimop er uit te trekken. En daar kwam de zegge weer terug. Grrr! Heel frustrerend. Het ergste vond ik nog die ‘tuinier’ die aanbood om voor mij dat ‘gras’ te maaien. Hij zag het verschil niet eens! Hij dacht gewoon dat ik geen gras kon maaien.

Nee, geef mij dan maar een èchte bodembedekker als de klimop. Dat kun je nog redelijk makkelijk kwijtraken. En toch weinig onkruid.

bodembedekkers

Vind je dit blog leuk om te lezen en wil je meer weten over het onderhouden van je eigen tuin, geef je dan op voor ons gratis Webinar Snoeien.

In dit webinar ontdek je de 4 gouden snoei regels waardoor je met meer kennis je planten en struiken kun snoeien. Ze zullen rijker gaan bloeien, beter in vorm komen en jouw tuin gaat er geweldig uitzien.
>>link naar de inschrijf pagina voor ons webinar snoeien>>

Wil je nog een stapje verder gaan en wil je graag weten wannéér je wat doet in jouw eigen tuin en ook hoé je het moet doen?  Dan kun je je opgeven voor onze interactieve persoonlijke tuinkalender.
>>Als je hier meer van wilt weten dan kun je dat hier lezen>>

Share on facebook
Facebook
Share on pinterest
Pinterest

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.