Het is weer paddenstoelentijd

Het is weer oktober en is zie ze nu overal: Paddenstoelen.

Ik vind paddenstoelen fascinerend. Overnacht komen ze naar boven en met de eerste vorst zijn de meeste weer weg. Ze hebben soms de meest vreemde vormen en ik kan er echt van genieten. Mijn lievelingspaddenstoelen zijn de Vliegenzwam (omdat ie zo mooi is), de Gekraagde aardster (om zijn grappige vorm), de Reuzenbovist (een grote witte bal in een weiland) en de Judasoor (oorvormige paddenstoeltjes die op hout groeien). Ik vind Judasoren met name mooi als de zon erdoorheen schijnt en ben er tot nu toe niet in geslaagd om dat voor mijn gevoel goed op de foto te zetten.

Van de andere kant kunnen Paddenstoelen aardig frustrerend zijn. Niet alleen doordat er veel soorten zijn in Nederland, maar ook omdat veel soorten erg veel op elkaar lijken. Klein en bruin. En ze zijn nogal variabel van kleur. Dat kun je heel goed zien aan de vliegenzwam. Let maar eens op als je in het bos wandelt. Je hebt jonge Vliegenzwammen, die zijn mooi felrood met een bolle hoed. Dat lijkt helemaal niet op de volwassen Vliegenzwam, maar de witte stipjes op die bolle hoed verraadt het.

Daarna strekken ze zich uit en heb je de Vliegenzwam op zijn prachtigst. Felrood met nog de witte stipjes er op. Maar daarna gaat het snel bergafwaarts met de duidelijkheid. Als het een beetje regent dan regenen de witte stipjes van de hoed: die zitten er namelijk los op.

En dan? Dan moet je heel goed gaan kijken. Want er bestaat ook nog zoiets als een Russula. Met zeker 5 soorten met rode hoeden. Welke is het nu? Bukken geeft uitsluitsel, want de Vliegenzwam heeft een witte ring en Russula’s hebben die niet. Aan de hoed kun je het niet zien: Veel Russula’s hebben een hoed met een rand die naar beneden is gekruld – als ze jong zijn. Worden ze ouder, dan wordt die hoed vaak vlak, net als bij de Vliegenzwam.

Als Vliegenzwammen nóg ouder worden, verbleekt de kleur van de hoed naar oranje en soms zelfs bleekgeel. Ga er maar aan staan.

En dat is nog een makkelijke paddenstoel. In je tuin kom je soms ook paddenstoelen tegen, maar die zijn meestal in de categorie klein en bruin. Waarvan er dus heel veel zijn. Die paddenstoelen kom je vaker tegen in een tuin waarin ‘de ecologische situatie goed is’. Dat is een tuin waarin al lange tijd niet al te veel veranderd is en waarin niet te fanatiek met de schop wordt gewerkt. Heb je er een Berk in staan, dan komen die vliegenzwammen misschien wel jouw tuin bezoeken, want Vliegenzwammen leven in symbiose met Berken en Dennen, Maar dat begint pas na een jaar of 20 of meer.

In de tuintjes voor ons huis staan ook veel paddenstoelen. Veel van dezelfde, helaas. Degenen die het het beste uithouden zijn Breeksteeltjes, die staan er wel een paar weken. Welke soort Breeksteeltje het is weet ik niet. In Nederland zijn wel 50 soorten die je alleen met de microscoop uit elkaar kunt houden.

Ook een mooie paddenstoel is, of beter gezegd was, de Geschubde Inktzwam. Daar moet je van genieten als hij er is, want binnen een paar dagen begint hij te verinkten en dan ziet hij er opeens heel anders uit. Hij is nu dan ook al weer weg.

De reden dat die paddestoelen massaal opkomen, is dat bij de aanleg van die tuintjes tuinaarde met veel plantenresten is gebruikt. Daarin zaten sporen van paddenstoelen en die zijn nu aan het ‘bloeien’. Of ze het hier, in deze nieuwe omgeving, volgend jaar ook nog zo goed doen is nog maar afwachten. Ook paddenstoelen hebben ecosysteemwensen en als dat niet klopt verdwijnen ze.

Heb je dit jaar nieuwe grond aangebracht in je tuintje, zeker als dat uit van die zakken is, kijk dan rond of je nu ook paddenstoelen ziet. Eigenlijk maakt het niet veel uit welke soorten je kunt herkennen. Ik ken ze ook niet allemaal en kan er toch van genieten. Ik vind het gewoon hardstikke leuk om ze te zien, ook al zijn het niet mijn favoriete soorten.

Nog een ding. Ik kan dit toch niet laten: Het over-overgrote deel van de paddenstoelen is volmaakt onschuldig, maar sommige van die paddenstoelen kunnen uitermate giftig zijn. Dus hou het bij kijken met de oogjes, niet met de handjes. En dat geldt zeker voor kinderen. Vergeet dus niet zelf het goede voorbeeld te geven.

Ik zou het leuk vinden als dit blog je heeft geïnspireerd. Zou je dat met mij willen delen?

Geniet je van mijn tuinverhalen en wil je ze iedere week gratis in je mailbox ontvangen?
Druk dan op de knop hieronder, zo simpel is het.

N.B. De teksten op deze site, inclusief dit blog, zijn door mijzelf of José geschreven en mogen niet gebruikt worden zonder voorafgaande toestemming, ook niet om AI te trainen. 

Omdat ik ze tegenwoordig weer op Facebook deel, kun jij dat ook gerust doen.

Facebook
Pinterest

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *